Henk Joosen

Freekie en de reuzen

Zomaar een kort verhaal over een niet alledaags hondje

Stel... je bent klein, niet gewoon klein, maar ontzettend klein. Op zich geen probleem natuurlijk. Maar wél als je zó klein bent dat iedereen op de hele wereld wel tien keer zo groot lijkt als jij. Dát zou je waarschijnlijk tamelijk vervelend vinden. Maar ja, je zou wél precies weten hoe een teckel zich voelt in die wereld vol met reuzen. In een wereld waarin sommige reuzen je 'Unox' of - nóg grappiger - 'worst op pootjes' noemen. Ja, je hebt er leuke reuzen bij! Dan, ja dan kan ik me voorstellen dat je net zo zou willen zijn als Freekie.
Freekie was namelijk ook zo'n lange hond. Nog niet zo erg lang, maar tóch. Hij woonde in een huis met twee enorm grote bazen. (Wel lief, maar voor een hond die niet van gebaas houdt, minstens één teveel.) En verder waren er nog drie grote, kleine kinderen om lekker mee te spelen en een dikke, zwarte kat waar geen lol aan was, omdat die altijd het liefst wegsjokte als Freekie eraan kwam. Telkens als die oude kater een vrolijke hondensnuit zag of een lekkere lik over zijn kop kreeg, gaf hij meteen een gemene kattenkrauw terug. Maar daar trok die teckel zich niks van aan, want die teckel die heette Freekie.
Freekie hield ook van bezoek. Kon hij lekker rollen en dollen. En dat vond het bezoek dan ook weer leuk, zodat hij steevast een stevige aai over zijn bol kreeg. En nog een. Want Freekie lustte daar wel pap van.
Maar vandaag was het anders. Vandaag kwam tante Kee. Waarom ze op visite kwam, wist niemand. Ze was geen familie of vriendin van de bazen of zo. Nee hoor, niks was ze. Ze was gewoon een veel te dikke, onaardige vrouw die soms langskwam. En iedereen had daar een ontzettende hekel aan. De grote, kleine kinderen moesten dan altijd rustig zijn, netjes op de bank blijven zitten en met twee woorden spreken. De grote bazen mochten binnen niet roken - wat op zich natuurlijk niet zo heel erg was - en de kat moest buiten blijven. Want daar kon tante Kee allemaal niet tegen. Dus was het alleen Freekie die vrolijk werd van de deurbel. Hij liep kwispelend met het kleinste, grote, kleine kind mee naar de voordeur. Springen, dacht Freekie toen de deur krakend open ging. Hij zette zich schrap en nam een flinke aanloop. En voordat de dikke dame iets had kunnen zeggen, zag ze een lang beest met wapperende flaporen op zich afkomen. Van schrik viel ze achterover met haar billen op de mat. 'Welkom' stond erop.
Nog nabibberend van de schrik roerde tante driftig in haar kopje koffie. 'Dat beest moet netjes in zijn mand blijven liggen, hoor,' zei ze met een vies gezicht. 'Hij houdt zich koest, anders zien jullie me hier nooit meer terug.'
Tante nam een enorme hap van haar slagroomgebakje. Rond haar mond verscheen een witte kring. Dat was niet zo netjes, maar vooral niet zo slim van tante Kee. Want Freekie was namelijk dol op slagroom. Daar lustte hij óók wel pap van. In een ommezien sprong hij bij dikke tante Kee op schoot. Lekker! Freekie likte en schrokte dat het een lieve lust was. Overal slagroom. Heerlijk! Een heel gezicht vol.
De drie grote, kleine kinderen vonden het maar wat moeilijk om niet in lachen uit te barsten. En de grote bazen trouwens ook.
En toen Freekie klaar was en tante Kee gevlucht, hebben ze haar nooit meer terug gezien. En dat... Dat was dikke pech. Voor Freekie!


FacebookLinkedIn